Pictures

Het logeerhuis, derde etage. My lodging, 3rd floor

Photo_054_3

Klaarmaken voor vertrek. Preparing for departure.

Photo_056

Zo gemakkelijk fiets je naar boven. It`s easy to ride your bike up the mountain.

Photo_058

De kabouter in het dal van de Durance. A view into the Durance valley.

Photo_059

Gino made some very nice pictures as well with his sophisticated camera. They seem to large in size though, can`t get them uploaded.

La Provence

On Sunday morning Gino, Anna and the teckel Nara picked me up in front of my lodgings in Torino. The bike was put on top of the car and we went of for a 120 kms ride over the Alps west of Torino. The ride was very beautiful, since we chose a route via a small pass, that is not used or destined for international traffic. On the other side of the pass we had a mountain lunch and at app 1500 hrs we were in Briancon (alt app. 1300). Here I loaded my bike and after warm goodbyes I started my descent further into the valley. I rode another 30 kms and stopped in an almost deserted campsite. It`s obvious that the French holiday season is over. Mostly grey hair around now. On Monday I did another 100 kms, only to end up in the same sort of campsite, far away fro, a town. It had become very hot, so now and then I tried and get some freshness from the irrigation of the many fruit nurseries. Today I decided to stop at 1400 hrs at Monasque, where the camosite is not far fro, the centre. The reason for the early stop is the heat, that even seems to be extreme for this region. Tomorrow I hope to reach Aix en Provence, a beautiful city where at this moment there is an extensive exposition of the works of Cézanne. I will take my time to visit this place.

Advies van een vriend.

Deze goede vriend meent in een reactie dat ik beter mijn bagage in de Durance kan gooien. Nu is het goed te weten dat deze vriend graag reist en dat dan doet in een comfortabele dieselvoortgedreven auto, waarachter hij zijn woonhuis meesleept waarin het bed in opgemaakte toestand verkeert. Niks bankjes opklappen of zo, het bed is constant gespreid. Ik wil dus graag aannemen dat hij mij toestaat een klein opgerold matrasje te vervoeren, en iets om me des nachts mee te bedekken, alsmede een stuk doek om me voor de elementen te beschermen. Overigens zijn zijn adviezen meestentijds zeer behartenswaardig.

Het is niet goed of het deugt niet.

Ik heb tijdens de rit naar Turijn nogal geklaagd over de weersomstandigheden. Dat was wel zo, maar ik heb het allemaal wel wat ironisch bedoeld. Dat is niet bij iedereen overgekomen, geloof ik. Ik heb me echter altijd op mijn gemak gevoeld en het naar mijn zin gehad. Maar als het zonnetje schijnt en de wind blaast je in de rug is het toch wat leuker, vond ik eigenlijk. Maar nu is het weer niet goed. Het is hier onbetamelijk heet, tegen de 40 graden. De mensen hier vinden het ook wel erg, en ze zijn hier wel wat gewend. Vandaag dus maar eerder gestopt. Er zijn hier veel fruitboomgaarden. Die worden besproeid met water uit de Durance (grote irrigatiewerken, zoals het stuwmeer Lac de Serre-Poncon e.a; en brede kanalen). Gisteren heb ik enkele keren verkoeling gezocht in zo`n boomgaard. Het hielp maar matig, het water wordt zo verneveld dat het ahw niet echt overkomt. Maar vochtig werd ik wel en het hielp wel even. Ik heb ook weer tegenwind. De opstijgende dalwind kiest natuurlijk hetzelfde dal als waar ik fiets, maar de andere kant op. Deze keer ben ik er blij mee: ik ga toch bergaf en de wind brengt zoveel verkoeling dat mijn temperatuur tussen de geijkte parameters blijft. Eigenlijk kan ik concluderen dat het Nederlandse weer heel goed fietsweer is, niet van die extremen, maar van alles wat.

De Provence

Op zondag hebben Gino, Anna en de tekkel Nara me met fiets en al over de grens en de Alpen gezet. Was een (spectaculaire) rit van ca. 120 kms. Dat doen ze vaak, het is hun recreatie- en vakantiegebeid. Ze hebben er de hele zomer ergens een caravan staan. De rit was bijzonder, omdat we via een binnendoor pasje zijn gegaan, waar we in een berghut-achtig retaurantje geluncht hebben. Daarna afgedaald naar Briancon (1300 mtr alt.), waar ik de fiets heb beladen en er nog 30 kms bij getrapt heb. Dat was niet moeilijk, want bijna altijd bergaf natuurlijk. Op maandag precies 100 kms tot Sisteron erbij. Ik heb gekozen, zoals een goede vriend me al adviseerde, om de Durance te volgen, dat is een omweg. Mijn benen, eigenlijk ik helemaal, hebben absoluut geen zin om nog te klimmen. Dat moet nog geregeld maar gelukkig nooit lang of heel steil. Vandaag heb ik maar 55 kms gedaan, en het dalen is nu voorbij. 150 kms naar beneden, ik heb het zeer gewaardeerd. Vandaar die omweg. Vandaag heb ik maar 55 kms gedaan, en het dalen is nu voorbij. 150 kms naar beneden, ik heb het zeer gewaardeerd. Ik heb vandaag zo weinig gereden omdat het te heet is. Niet te doen. Morgen is het weer zo`n afstand naar Aix en Provence. Daar hoop ik dan zo op de middag te zijn, voor de grote hitte. Er is daar op het moment een overzichtstentoonstelling van Cézanne, die ga ik maar eens bekijken. Het moet een mooie stad zijn, waar ik, geloof ik, nog nooit geweest ben. Even tijd voor nemen dus.

Leve de schutters

Fietsend door het Zwitserse platteland hoorde ik het geluid van schieten. Het klonk niet naar een gewoon schietbaantje van een gilde zoals ik van Klein Zundert of Achtmaal ken, en vroeger van ’t Paoltje (alleen voor eigen famile 🙂 ). Het klonk veel harder en zwiepend ahw. Even later zag ik een eind van de weg het gebouwtje en de baan waar het allemaal geschiedde. Gaat dat zien! Het bleek wel de plaatselijke schutterij te zijn, maar die is volledig deel van het nationale leger. Aangezien ik nog een ver verleden heb als militair instructeur bij hare majersteits destijds dienstplichtige landmacht heb ik zelf als sergeant recruten moeten leren schieten en nog veel meer van die gevaarlijke spelletjes. Mijn interesse was dus gewekt. Temeer nog omdat ik stam van een familie die diverse schietkampioenen heeft voortgebracht, en dat is echt zo (hand- en kruisboog). Zelf heb ik het in mijn diensttijd gebracht tot schutter eerste klas. Maar omdat de man die toendertijd nog vanuit de put (de kelder onder de schijven waarop wij schoten) de resultaten door moest geven toen tegen me zei: "Dat heb je aan mij te danken" weet ik niet precies of dat wel zo is. Het was nog wel een Limburger ook. Men is in Zwitserland dienstplichtig tot 33 jarige leeftijd. Eerst komt men op voor een periode van 22 weken. Daarna elk jaar 2 weken op Erholungskurs. Het wapen heeft men gewoon thuis (en dat zijn echt vervaarlijke dingen) en men is schiesspflichtig. Dwz dat de jongelieden minstens 1 keer per jaar een aantal oefeningen moeten schieten. Dat was vandaag. Ze kwamen uit de omgeving aan gereden met hun moderne wapen, kaliber 6.5, ook het nato-kaliber. Ze schieten een bepaald programma met oefeningen als snelvuur, individuele schoten en zo nog wat reeksen. Alles wordt meteen digitaal verwerkt en de man ziet naast zich op het schermpje waar de inslagen zijn en hoeveel punten hij scoort. Ik geloof niet dat er nog sprake is van mannen in de put  (alleen maar positief zou ik zeggen, er is al zo veel narigheid in de wereld). Tenslotte komt er een soort kassabonnetje uit met het gehele resultaat. Dit alles werd me uitgelegd en gedemostreerd door de mensen daar, met name door een majoor buiten dienst, die de supervisie had. Daarbij werd ik nog voorzien van Kaffee mit Kuchen, en dat laat een eenzame fietser natuurlijk niet voorbij gaan zonder er op gepaste wijze gebruik van te maken. Ik heb ze bedankt, gecomplimenteerd en gezegd dat het meinentwege mit der Schweiz wel in Ordnung ist.

Immagine_039

Visiting a yearly training day of the Swiss army.

Immagine_085

De tuinkabouter van Amelie

Amelie Poulain had de tuinkabouter uit haar vader’s voortuin gepikt en stuurde regelmatig foto’s van het beeldje (zg) uit verschillende wereldsteden. In de volgende foto’s speelt de fiets de rol van tuinkabouter. Mijn eerste contact met de Rijn op dag 2.

Immagine_020

Op weg naar Straatsburg

Img_2681


Basel

Immagine_032

Deze oude houten bruggen zie je best veel en ze zijn nog steeds normaal in gebruik.

Immagine_040

De eerste blik op het meer van Genève

Immagine_008

Fietsen langs het meer de volgende dag

Immagine_010

The easy way up. De fiets in de bus naar de Col du Grand Saint Bernard

Immagine_011

Op de pas, klaar voor de afdaling

Immagine_013

Blikken naar beneden

Immagine_041

Immagine_043

Hotel Ponte Romano bij de ponte Romano in Saint Martin, de plaats op de grens van de regio Vallée d’Aosta en de regio Piemonte. Als gewone reiziger merk je het niet, maar het zijn aparte bondslanden met eigen regeringen etc.

Immagine_046

Turijn, uitgebreid

Download HPIM3630.MPG Filmpje: ik ben er al, Gino komt later

Meer details dan in het eerdere bericht, voor de mensen die tijd en zin hebben om het allemal te lezen. In Martigny heeft het tot diep in de nacht behoorlijk gegoten, maar ’s ochtends was het droog en fris. In de bus was ruimte zat voor de fiets. met een overstap was ik om voor negen in Orsieres, op 850 mtr hoogte. Tot daar gaat normaal de trein, maar er was een riviertje uit de oever getreden die een spoorbrug had ondermijnd, waardoor een trein(tje) in de rivier was terechtgekomen. Daarom nu een busdienst. Ik moest daar overstappen in de bus naar de col, een comfortabele touringcar. De fiets moest nu plat onderin. Ik was de enige passagier, kennelijk wil niemand graag daarboven zijn dezer dagen. De chauffeur ondersteunde mijn beslissing om niet zelf te fietsen. De weg was mooi, maar – vooral boven de tunnel – smal en steil. Met een gewone of racefiets wil ik het graag eens doen, maar met deze kameel was het alleen Hannibal gelukt. Bovenop de pas zat het potdicht van de mist. En het was 1 graad boven nul. Het klooster staat in de pas, dwz dat je onder en verbinding tussen 2 gebouwen door moet. Ik heb koffie gedronken, een legging en lange broek over mijn normale tenue aangetrokken, 2 jackjes over elkaar aangedaan, handschoentjes aan en pet op. Toen naar beneden. Ging perfect. Erg steil in het begin, maar mijn hydraulische Magura remmen doen het uitstekend. Dat was in Vietnam ooit anders. Daar hebben we een afdaling gehad die in de Lonely Planet omschreven staat asl een "brake burning descent". We hadden toen cantilever remmen, je ziet ze tegenwoordig haast niet meer. Ik heb toen zo hard gekenepen dat ik bang was dat de kabels zouden breken en onze armen deden er zo’n pijn van dat we af en toe moesten stoppen om ze rust te gunnen. Ik herinner me dat stoppen haast onmogelijk was. Dat was toen een beetje afzien, ook omdat we toen een hele lange dag hadden gemaakt met 6 of 7 cols van rond de 1500 mtrs, het was donker en het regende. Eveline zal het beamen, die weet dat ook nog wel. Niets van dit alles nu, geleidelijkaan rustig naar beneden, nooit harder dan 50. Hoe lager hoe warmer en meer reacties van toeterende toeristen. In Aosta was het warm, ik heb me op een bankje ontdaan van wat overbodig geworden kleding. Wat rondgehangen. Weer beseft dat ik in Italie was toen ik 100 zw.franken om ging wisselen. Moest mijn paspoort hebben, nee, niet het rijbewijs, noteerde alle nummers en gegevens, duurde maar.. Toen vroeg hij nog een commissie van 20% op de koers, dankjewel! Toen ik daarna de stad uitreed begon het weer te somberen en tenslotte te regenen. Geslapen 50 km verderop in een hotel naast een oude Romeinse brug. Heel mooie kamer, wat korting bedongen voor de eenzame fietser. De volgende dag was het heel mooi weer. Verder naar beneden over de rijksweg, druk maar het schoot goed op. Gino had me geadviseerd in Ivrea speciale choloadetaart te eten, tarte Novocente. Die bleek zo speciaal dat ik naar een adres gestuurd werd dat ik maar niet kon vinden en nadat ik meer dan een uur door de oude stad (middeleeuwse muren, steegjes etc.) had rondgedwaald kon ik de uitgang een hele tijd niet vinden. Dat was een rare ervaring, iedere keer kwam ik bij verboden voor fietsers of eenrichtingverkker (waar ik vaak naar eigen bevinden mee omga trouwens). Tenslotte toch gelukt en om 15.10 reed ik vanuit Via Garibaldi Piazza Castello op, waar de heer Gomba helaas pas na mij aankwam. (Had ik kunnen weten…) Dus het filmpje waarin in aan kom rijden is nagespeeld (Engelstalige log). Het andere hierboven niet. Ik logeer bij de heer Montagero. Ik deel het huis met een Roemeens koppel. Hij handelt/transoporteert kunst ebn zij doet het huishouden. Ze heeft waarschijnlijk intussen mijn was al gedaan. Hoezo oncomfortabel zo’n fietsreis. ’s avonds had Gino’s vrouw Anna heerlijk gekookt, Gino’s zoon Davide was er en Mara (vriendin en collega, die ook voor het ROC voor ons gewerkt heeft). Erg Leuk. Vanavond gaan we eten bij mensen die ook in Tilburg geweest zijn voor het project Travelcare, een uitwisselingprogramma van deskundigen uit de zorg met het college DGO van ROC MB, waar Peer heel intensief aan gewerkt heeft (vandaar ook nog de Limoncello). Morgen komt er weer een dag, zien wat die brengt.Hpim3631