Vientiane – Khong Chiam

We hebben inderdaad heel wat kilometers gedraaid nadat we Laos verlieten, zo’n 717 om precies te zijn. De route was overwegend saai. Daarbij kwam dat er een harde noordoostenwind stond, die we de eerste paar dagen tegen hadden. Daarna maakte de Mekong een bocht naar het zuiden, wij dus ook, en toen hadden we hem mee. Dat schoot lekker op, want erg leuk was het niet. ’s Avonds moesten we een trui aan! En op het terras langs de rivier zitten was geen pretje, de rijst waaide van je bordje. De rijstvelden staan er droog en dor bij en dat is niet mooi, terwijl ze, als ze groen zijn, prachtige landschappen opleveren. Veel hoofdweg en verder niet zo veel boeiends. We hebben wel in een paar leuke resorts gelogeerd. Dat is een groot woord, maar meestal zijn het een paar bungalowtjes, als het me zit op een mooi terreintje en als het helemaal goed is aan de rivier. Ook passeerden we een paar leuke bedrijvige stadjes, met veerdiensten (met soms zeer krakkemikkige ponten) naar Laos en grote kleurrijke markten. Op zo’n markt heb ik ook de lekkerste koffie van mijn leven gedronken, van een mevrouw aan een tweewiel-karretje. En ik heb ooit al veel koffie gedronken. Een deel van het geheim is gecondenseerde melk, maar er is meer. Ook Wat (tempel) Pra That Phanom was geweldig. Indrukwekkende ingetogen schoonheid.

Nu zijn we in Khong Chiam en dat beschouwen we als het einde van dit traject. We logeren in een ruime bungalow met airco etc. in een groene tuin en een overvloed aan bougainvillea, we zijn erg op ons gemak hier.

We staan nu voor de keuze om nog een rondje van ca. een week door Thailand te maken en Wat Pra Wihaan (of Pra Vihaer op z’n Cambodiaans) te bezoeken. Dit is de tempel waar de Thai en Cambodianen ruzie over maken: in welk land ligt deze tempel eigenlijk? Moet heel bijzonder zijn en we horen van mensen dat de schermutselingen voorbij zijn en dat we er naar toe kunnen. Of we dat doen weten nog even niet. De andere keuze is nl. om hier naar het oosten te gaan en weer Laos in te fietsen. Dat zullen we sowieso doen, al of niet na het rondje naar de tempel. In Laos gaan we weer even de bergen in, er zal een dag zijn van meer dan 1000 meter klimmen. Leuk! Maar er zijn daar heel mooie watervallen en we verlangen ook weer wel naar de sfeer in dat land. Die is toch heel speciaal. We willen ook nog wat verder trekken, naar Attapeu en omgeving. Dat is het gebied waar de meeste activiteit van de Ho-Chi-Min-route heeft plaatsgevonden tijdens de Vietnam oorlog. Daarvan zijn – net als in Phonsavan – nog veel sporen te zien. Ik lees op dit moment een boek over "The Ravens" en dat behandelt de geheime oorlog die hier gewoed heeft. Zeer interessant om het dan ook nog een beetje in situ te kunnen zien. Als dat achter de rug is zullen we wat relaxen op een paar van de 4000 eilanden in de Mekong, om daarna Cambodja in te trekken. Voor die tijd zullen we ons wel weer gemeld hebben.

Kilometers draaien

Na drie dagen van rond de 100 km per dag vandaag voor het eerst een kortere etappe (bijna 60). De route is wat saai en ik heb de neiging dan maar door te stomen, zodat het snel weer leuker wordt.We rijden heel veel over de hoofdweg en dat is wat geisoleerd van het gewone leven. Dit kan vaak niets anders, omdat de hoofdweg de enige doorgaande route is. Als we de kans hebben gaan we over binnenwegen en dat is meteen veel leuker, doordat we door dorpjes komen, waar de mensen onverminderd enthousiast groeten en het landschap ook meer afwisseling biedt. De ontmoetingen met de Mekong zo nu en dan zijn ook steeds verrassend. Zonsopgang, zonsondergang en het licht overdag geven steeds een ander beeld. De oevers zijn ook steeds anders. Soms hebben mensen ‘ landjes’ gemaakt, waar ze tuinbouw bedrijven, soms zien we uitgestrekte (nu droge) rijstvelden, soms hebben ze in dorpen mooie boulevards aangelegd en altijd hebben we het bergsilhouet van Laos in het vizier. Maar we fietsen niet steeds vlak langs de Mekong, dus dan moeten we het hebben van de schaarse interessante steden in dit gebied. En van de meestal mooie bungalowtjes waar we overnachten, die over het algemeen wel aan de Mekong liggen en waar het dan na aankomst van de ‘ werkdagen’ goed toeven is.

De Boeddhistische tempel Wat Phra in That Phanom is dan weer zo’n verrassing. Het is volgens de boekjes het belangrijkste boeddhistische bouwwerk in Thailand. De gebedstoren, ook wel stupa of chedi genoemd, zou met 110 kg goud gedecoreerd zijn. En die is ook prachtig. Het hele complex bestaat uit diverse tempels, beelden, mooie tuinen, een klooster en gebedsgangen. De tempelgebouwen mag je alleen zonder schoenen betreden en we vinden het een genot met onze blote voeten op het mooie koele rose marmer te lopen. Bij ons zou het misschien kitsch zijn, maar hier is het adembenemend. Vergelijk het met de Grote Kerk van Breda, de Notre Dame in Parijs, of misschien ook wel de Sint Pieter in Rome. Daarin zit zoveel historie, architectuur en kunst, dat je onder de indruk bent, ook al ben je niet katholiek. Katholieke kerken hebben we hier ook al enkele gezien en een gedenkplaats van (de enige) zeven zaligverklaarde martelaren die in 1940 werden geexecuteerd, omdat ze weigerden hun geloof op te geven.

Kortom, ondanks het wat saaie landschap toch nog voldoende te beleven.

Eveline

Thailand

Via de Friendship Bridge over de Mekong zijn we gisteren van Laos Thailand ingefietst. We hebben afscheid genomen van Vientiane. Een leuke stad, waar we in ons mooie guesthouse een paar leuke dagen hebben doorgebracht: musea bezocht, That Luang opnieuw bekeken, geshopt en aan de Mekong naar de zonszondergang gekeken. Heel relaxed allemaal en leuk.

De fietstocht naar Thailand was stoffig, slecht wegdek, en saai. Ik kreeg heimwee naar die spectaculaire bergen en begon zelfs te twijfelen of ik op deze manier fietsen nog werl leuk vond. Een dipje dus. Vanochtend ontbeten we met een 55-jarige Engelsman, die al 10 jaar op de fiets overwintert en de ups en downs ook wel kent, maar nog steeds enthousiast vertelt. Gelukkig hebben we, naast dit opwekkende gesprek, vandaag een mooie tocht gefietst en een fantastisch bungalowtje betrokken, waar we op ons prive-terras boven de Mekong genoten van de zonsondergang. We hebben een Thaise gourmetmaaltijd genoten en op de terugreis naar onze bungalow konden we de verleiding van het internetcafe niet weerstaan.

Eveline

Cycling northern Laos, Phu Khun – Vientiane via Ang Nam Gnum

Phu Khun alt. 1350, Vientiane alt. 175, distance 310 kms, via rt 13 and from Phonghong via rt 10. Vertical meters 320. We did it in 7 stages.
From Phonsavan we took a bus back to Phu Khun on Nov. 17. We were impressed about the route and to realise that we had cycled it in the opposite direction. So mountainous and beautiful. We also noticed that the winding and turning of the bus made us feel uncomfortable, and this was not the case when we were on our bicycles.
Day 1:A very short day, 25 kms. From Phu Khun follows a deep downhill of a good 20 kms, then a very steep uphill of 1 km. There is Bar Num Oon ; 5 tiny wooden bungalows, 2 restaurants and a hot spring. We arrived there at 13.00 and stayed there. Hot bathing, washed some clothes. Wonderful view on the Karst mountains as well.
Day 2: To Vang Vieng, alt. 238, vertical meters 435, dist. 80 kms. We found a nice bamboo bungalow at the riverside in the south end of the village. Forgot the name, but down a dirt track just behind Le Jardin Organique. We spent some days in this backpackers paradise. All facilities are here, ATM, many restaurants and guesthouses, plenty of internet cafes, tv-soaps all around, tubing and rafting on the river etc.
Day 3: To Pale 2 guesthouse, at milestone 87, just south of Hin Heup on rt 13. Alt 215, 408 vert. meters, 77 kms. Nice stone bungalows, basic restaurant. But the guesthouse seemed to be specially dedicated to very short use by couples. As it appeared many other guesthouses along the road are.

Day 3: To Longngum View Resort, overlooking Ang Nam Ngum, the reservoir for the hydro-electric powerplant there. Alt. 309, vert. meters 229, dist. 38 kms. Wonderfull view on the lake, wonderful bungalow. Lousy restaurant and similar staff. So we decided not to stay an extra day.

Day 4: Via a visit to Lao Zoo to Manianphone guesthouse on rt. 10 to Vientiane. A steep decent in the beginning, later some short but steep climbs, no exact figures, dist. 38 kms. Again nice and complete bungalows in a garden with no restaurant. And short staying neighbours. Friendly staff. They sold instant noodles, so we could make noodle soup with the water cooker in the bungalow.

Day 5: 60 kms to Vientiane (alt. 175). We reached the city early and found good accommodation in Souphaphone guesthouse. 25 USD, very expensive compared to our other stays. Nice relaxed place with many wats, shops, bars, restaurants and great terraces on the Mekong river banks.



Vientiane

We zijn weer in Vientiane. Na 3 dagen Vang Vieng was het weer tijd om verder te gaan. We hebben er heerlijk gewoond in ons bungalowtje aan de Nam Song en ook nog wat grotten bezocht. We hebben niet meegedaan aan: de hele dag tv-soaps bekijken, raften en tubing (op een vrachtwagenbinnenband de rivier afzakken), ’s avonds dronken worden, overdag dronken worden en zo de rivier in springen en meer van die zaken die de honderden backpackers hier allemaal doen. Tja, als je een bepaalde leeftijd hebt bereikt.. been there, done that, got the t-shirt, om het maar eens in modern Nederlands te zeggen.


Vanaf Vang Vieng reden we naar een guesthouse bij km-paal 87 aan route 13. Keurige stenen bungalowtjes, maar we kwamen er achter dat ze vooral gebruikt werden om zeer kort, enkele uren slechts, met z’n tweetjes in te verblijven. Het restaurantje erbij was erg simpeltjes, wat dan ook weer te begrijpen is. De dag erna doorgereden en bij Phonghong de 13 verlaten en koers gezet naar het stuwmeer Ang Nam Gnum. Daar hebben we verbleven in een werkelijk schitterende bungalow in Longgnum View Resort  met een riant uitzicht over het mee. Ook hier weer korte verblijvende buren. Van hieruit de volgende dag naar de Lao Zoo gefietst, die aan een zijweg van de 10 naar Vientiane ligt. Een beetje verder weer een guesthouse van hetzelfde soort, Manianphone guesthouse. Keurige bungalows rond een keurige tuin en nu helemaal geen restaurant erbij. We kregen ’s avonds echter wel instant noodles. En bier was er ook, en dat is bij deze temperaturen een onmisbaar goedje.


Na deze 2 erg korte etappes was het ook niet ver meer, 60 km, naar Vientiane. We kwamen er rond de middag aan. We hebben de tijdgenomen om een goede accommodatie te zoeken en logeren nu in Souphaphone guesthouse, met uitzicht op 3 wats (tempels) en over de daken (we zitten op de bovenverdieping) de Mekong. We genieten van de stad (nou ja, erg groot is het niet) met veel wats, veel winkels, leuke restaurants en veel bars en eettenten (houten vlonders, rieten daken) aan de oever van de Mekong. We waren gisteren net te laat daar om de zonsondergang over de rivier weer te zien, dat gaan we vandaag overdoen.

Op 30 november lopen onze visa af, we zullen op die dag of eerder het land vis de Friendship bridge vertlaten en Thailand binnerijden. Daarna langs de mekong naar het zuiden.

More pics

We assisted the teacher in a private collegeP1020396

By boat to Pak Ou caveP1020410

Lunch on the riverbankP1020413 in Luang Prabang

A hot stove on the cold evening in KioukachamP1020418

Some members of the Sabaidee-legionP1020416

P1020424

P1020428

P1020475

Fisherman on Nong TangP1020438

Plain of the JarsP1020449

P1020453

Uxo-free between the white marker stonesP1020454

The "red square" in front of KongKeo guesthouse in PhonsavanP1020463

A very common image in PhonsavanP1020461

Views from the road to Vang ViengP1020468

P1020474

P1020482

P1020493

Bicycle maintainance in front of our bungalow in Vang ViengP1020492

View from the bungalow on Nam SongP1020486

Reacties

Zoals al eerder opgemerkt kun je "besloten" reageren via het mailformulier, link in de linkerkolom.
Het is echter ook leuk om de reacties op de blog zelf te zien. Helaas ontbreekt soms de naam van degene die de reactie geplaatst heeft. Soms weten we dan echt niet van wie die is.

Backpackersparadijs Vang Vieng

In Phonsavan hebben we maandag 17 november de bus naar Phou Khoun genomen. Een rit van drie en een half uur, waarbij pas goed duidelijk werd wat we de voorgaande dagen gepresteerd hadden door deze afstand per fiets af te leggen. Het bevestigt ook, dat de bus voor ons geen alternatief is. Je ziet veel minder, wordt er slaperig van en voelt je niet helemaal lekker door het vele geslinger over de bochtige bergwegen. Vanaf Phou Khoun fietsten we daarna richting Kasi en hebben overnacht in een klein bungalowtje aan een warme bron, een prima alternatief voor de koude douche in de bungalow. Hier hebben we in 2006 ook geslapen en warm gebaad.

Gisteren zijn we, na een mooie route door het Karstgebergte, aangekomen in het backpackersparadijs. Er zijn hier heel veel cafe’s, restaurantjes en guesthouses. De cafe’s hebben vaak grote loungebanken, waar de backpackers 24 uur per dag films kunnen liggen kijken. Dat is toch een andere generatie. Wij zitten lekker rustig in een mooie bamboobungalow (naast het bungalowtje waar we in 2006 sliepen), met een ruime badkamer en een balkon met uitzicht op de rivier en het karstgebergte in zicht. Maar we genieten van de mogelijkheid van een lunch in de stad met baguette met ham en kaas en de ruime kaart voor het diner. Dus we relaxen weer even.

Ontwikkelingshulp

Door publicaties van salarissen van directeuren van organisaties in ontwikkelingshulp in Nederland waren wij al terughoudender en kritischer geworden in onze uitgaven op dit terrein. Een kennis van ons met eigen ervaring in ontwikkelingshulp heeft zelf een project voor straatkinderen opgezet, zonder overhead, omdat ook in zijn organisatie teveel werd verspild. Frans heeft daarnaast nog veel vragen bij het nut van het werk dat men doet. Tot mijn teleurstelling moet ik zeggen, dat wij niet positiever zijn geworden. De eigenaar van ons guesthouse in Phonsavan had het geluk een ‘ godfather’ uit Zwitserland te hebben, een man die zich over hem ontfermde, zorgde dat hij een goede opleiding kreeg en kon werken in Zwitserland. Hij is nu terug hier, maar is moe van alle ontwikkelingsprojecten, omdat het geld niet bij de mensen komt waar het voor is bedoeld. Als voorbeeld noemt hij de Mine Advisery Group, de groep die een explosief-vrij pad aanlegde in de vlakte van de kruiken. Ze kregen 1.200.000 USD en ze betaalden de LAO-mensen die het werk deden 2 USD per dag, terwijl ze hun eigen eten moesten betalen. ‘ Ze stelen, zowel van de westerlingen als van de LAO’ was zijn verbitterde uitspraak. Ze kopen mooie brommertjes voor mooie meisjes in plaats van de mensen behoorlijk te betalen of spullen te kopen waar de mensen mee verderkomen. Op de vraag of wij dan iets zouden kunnen doen was zijn antwoord dat we niets kunnen doen, behalve heel individueel, zoals zijn ‘ godfather’.

Dit komt overeen met de Engelsman, die we ontmoetten en die jarenlang samen met een Nederlander in Cambodja een bedrijfje had voor de ontwikkeling van software. Ze werden ingehuurd door organisaties voor ontwikkelingshulp, maar hun opdrachtgevers verdienden 5x zoveel dan hij, terwijl hij als ondernemer alle risico’s loopt. Zo bureaucratisch en zulke incompetente mensen. Hij is ermee gestopt, omdat hij genoeg had van dit ‘ misbruik’. Zou idealisme niet meer bestaan? Het land is ook geen democratie, dus dat versterkt deze cultuur wellicht nog. Ik vind het moeilijk te accepteren, dat hier niets aan te doen zou zijn. Op onze weg naar Phonsavan sliepen we in een heel basaal guesthouse. Geen electriciteit, hurk toilet met waterton en pannetje als gezamenlijke badkamer. Wij waren de enige gasten. Het heeft alle potenties om er iets heel moois van te maken. Het ligt aan een meer, met een groot terras, maar de plastic stoelen op het terras zijn vies en kapot. De tafelbladen zijn bedekt met kunststofplaten, die buigen, de verf is afgebladderd, kortom: er is goedkoop materiaal gebruikt, waarschijnlijk omdat er geen geld is, er wordt niet aan marketing gedaan om de lokatie te promoten, waardoor het gebouw verloedert en er niemand meer komt. Dit moet toch anders kunnen?

Vlakte der kruiken

Phonsavan, de plaats van waaruit we de vlakte der kruiken gaan bezoeken, is een hele vreemde stad. Hele brede straten en alles heel ver uit elkaar. Het busstation ligt bijvoorbeeld vijf kilometer van ons guesthouse vandaan. Dat guesthouse lijkt in het centrum te liggen, maar het toeristenbureau ligt ook drie kilometer verderop, weer een andere kant uit. Er staan hier wel mooiere huizen vaak met een eigen erf. De koeien, varkens, kippen en honden leven hier niet op straat, zoals in de bergen, waar de hutjes van de mensen pal aan de straat staan en er geen ruimte is om een eigen erf te hebben, omdat de hutjes meestal aan de rand van de afgrond worden gebouwd. Het lijkt hier dus wel wat opgeruimder.

Om de vlakte van de kruiken te bezoeken hebben we een brommertje gehuurd. De ‘ jars’ zijn menshoge kruiken van onbekende afkomst en er zijn er honderden gevonden op verschillende plaatsen. Ze zijn van zandsteen, sommigen van graniet en er bestaan talrijke mythes over hun bestemming: werden ze gebruikt als graf? Om wijn te fermenteren? Of voor de opslag van rijst? Ook over hoe ze hier gekomen zijn bestaan diverse archeologische- en volkswijsheden. Men denkt dat ze ruim 2000 jaar oud zijn, maar niemand weet het zeker. Het is een bizarre omgeving. De sfeer deed mij denken aan Stonehenge in Engeland.

Daarnaast is de regio nog om een andere reden bizar te noemen. De vlakten zijn inmiddels vrij van gevaarlijke munitie, althans de paden waarmee de kruiken worden bereikt. Geadviseerd wordt niet buiten deze paden te treden, omdat je dan risico loopt. Laos was tijdens de Amerikaans-Vietnamese oorlog (1964-1975) neutraal, maar in dit gebied vond de zogenaamde geheime oorlog plaats. Het gebied lag gunstig ten opzichte van Noord-Vietnam en de Amerikaanse basis in Thailand. Dagelijks werden er door Amerikaanse vliegtuigen bij hun terugkomst uit Vietnam resterende ladingen bommen op dit gebied uitgeworpen. Zeker 2 miljoen ton bommen vielen op het land, ongeveer een 1/2 ton explosieven per Laotiaan. Het gebied wordt getekend door bomkraters. Dit heeft veel slachtoffers gekost. Toen, maar ook nog later door niet geexplodeerde munitie. Delen van het gebied zijn inmiddels gezuiverd van de zogenaamde unexploded ordnance, of uxo. Slachtoffers vallen nog steeds onder spelende kinderen en mensen die werken op het veld. Mensen durven nog steeds delen van hun land niet te bewerken, omdat ze risico lopen, terwijl ze het zo hard nodig hebben. Gevonden granaten worden gebruikt als bloembak, als barbecue en om de toegang tot een terras te markeren. Je ziet werkelijk overal geroeste bommen en granaten, sommige erven hebben stapels. Een ander deel van Laos werd door Noord-Vietnam gebruikt om de strijders in Zuid-Vietnam  te bevoorraden (de zogenaamde Ho-Chi-Minh-route). Dit gebied werd bestookt d.m.v. zg. carpet bombing en ontbladeringsmiddelen. Hele gebieden werden totaal volgegooid met een tapijt van cluster bommen. Een derde daarvan is niet ontploft en ligt nu nog op slachtoffers te wachten.

In het land zelf heerste van 1964-1973 de burgeroorlog tussen de royalisten en de communistische Pathet Lao. De Amerikane steunden de eersten en maakten van de gelegenheid gebruik om, niet ver van Phonsavan, o.l.v de CIA een geheime militaire basis te hebben, die toendertijd hun grootste buitenlandse miltaire vestinging was. Met 1 startend of landend vliegtuig per minuut. Het Amerikaanse parlement kwam daar pas aan het einde van de Vietnam oorlog achter. Tot zover de democratie. Nu is hier deze oorlog overal nog heel zichtbaar.