Na Bucaramanga

Woensdag zijn we Bucaramanga uitgefietst. Een heel lieflijk landschap. Aanvankelijk licht glooiend langs de Rionegro. Maar het werd steeds bergachtiger. We fietsten 101 km, waarvan 1100 meter stijging. Zwaar, maar mooi. Prachtige bomen- en bloemrijke valleien met lieve riviertjes, veel groen en aardige mensen. Overnachting in San Alberto in een motelachtig hotel met airco. Simpel, maar schoon en goed.
De dagen daarna zijn ongelooflijk zwaar. We rijden het berggebied uit, hoewel de uitlopers gemene steile hellingen kunnen hebben. Zodra het landschap platter wordt, is er minder schaduw van bomen. En de zon staat onophoudelijk aan een wolkeloze blauwe hemel. We fietsen langs savannah’s, groene of goudgele uitgestrekte grasvelden met hier en daar boomgroepen. Mooi, maar op den duur een beetje saai. Er zitten veel vogels. Vanochtend zagen we een hele kolonie witte reigers bezig met een bad. We hebben ons dagritme aangepast, want na 13.00 uur wordt het eigenlijk te heet om te fietsen. We staan om 05.00 uur op zodat we om 5.45 op de fiets zitten en om 12.00 uur al de nodige kilometers achter de rug hebben. Dat bevalt goed. Om 8.30 uur is het soms ook al 30 C, maar het blijkt dan beter uit te houden dan later in de middag. We hadden ons niet gerealiseerd dat het hier zo heet zou zijn. Dit staat ook niet in onze reisgidsen, maar het gebied waar we nu doorheen fietsen wordt sowieso niet genoemd, omdat het niet toeristisch is. Veel toeristen vliegen van Bogota naar Cartagena, om van daar uit de kust te bezoeken. De fietsroutes die we van andere fietsers hebben geraadpleegd gingen ook bijna allemaal vanaf Cartagena richting Bogota en zij repten niet over hitte. Maar genoeg daarover. Vandaag hadden we een korte route (51 km) en waren om 11.00 uur al in Bosconia, waar we willen blijven, omdat doorrijden een probleem zou kunnen geven met hotels en Bosconia mooi ligt ten opzichte van St. Marta aan de kust, waar we binnen twee dagen kunnen zijn en weer wat langer willen blijven.
Er zijn genoeg hotels,  of residencia’s of hospedajes.  De laatste twee zijn eenvoudige verblijfplaatsen. Een kamer met bed en douche en in deze streek wel steeds met airco. Geen kast, of hangers om iets aan op te hangen. Hooguit een spijker. Tot nu toe waren deze verblijven steeds schoon. Nu zitten we in een luxe onderkomen. Grote kamer, luxe badkamer, fijne zitjes buiten de kamer, een zwembad enz. $90.000 (Colombiaanse peso’s) = €30,–. Duur voor onze doen hier in Colombia.
De mensen blijven onverminderd aardig en geinteresseerd. Ze vragen hoe wij Colombia vinden en of we ons veilig voelen. Vanochtend vertelde een praatgrage man, dat ze zich sinds 4 jaar weer gerust voelen als ze gaan slapen.
Bij een andere stop kregen we, na wat gepraat over de kinderen en taal, een flesje Pepsi en twee pakjes met koekjes mee voor onderweg.
Onderweg zien we veel heel eenvoudige huisjes/hutjes en bij de grotere steden krottenwijken. Er blijkt zeker de nodige armoede te zijn en een grote groep redt het met beperkte en heel eenvoudige middelen.

Geschiedenis en demografie in een notedop:

Ik moet bekennen dat ik mezelf daarin nu pas heb verdiept. Ik probeer thuis wel te lezen over het land en de geschiedenis, maar ik raak pas echt geboeid als ik er eenmaal ben. Ik herken dan wat er wordt geschreven, het is dichtbij.
Nu dan: Colombia bestrijkt qua oppervlakte 2x Frankrijk. Het telt 43.6 miljoen inwoners. De oorspronkelijke bewoners zijn verschillende indianenstammen. Een vriend van Columbus, Alfonso de Ojeda zette als eerste Europeaan voet aan land in Colombia. De Spanjaarden behielden de macht tot 1819. De bevolking werd door hun komst multiraciaal. Zij verhandelden slaven uit Afrika voor werk in de mijnen en op de plantages. Uiteraard vermengden de groepen zich. Er kwamen mulattos: menging van Europeanen en Afrikanen, mestizas, een vermenging van Europeanen en Indianen, en zambas, een vermenging van Afrikanen en Indianen.
In 1819 bevrijdde Bolivar zogenaamd Groot Colombia van de Spanjaarden.
Groot Colombia redde het niet en werd weer opgesplitst. Colombia werd een republiek. Dit ontaardde weer in grootgrondbezit, ongelijkheid in inkomens en armoede en uitbuiting. In de 60’er jaren ontstonden protestpartijen, zowel aan rechter- als aan linkerzijde. De FARC was de grootste ideologisch en marxistisch georiënteerde vrijheidsbeweging en de grote schrijver en Nobelprijswinnaar Marquez sympathiseerde met hen, toen zij nog het beste met Colombia voorhadden. Jammer genoeg heeft de FARC zich ontwikkeld tot een terroristische beweging, die zich inlaat met de drugsmaffia, of beter zelf de drugsmaffia is en niet schroomt mensen onder druk te zetten, te doden, van hun land te verjagen enz. Zij heeft de geloofwaardigheid van de bevolking verspeeld. De bevolking is blij met Uribe, die een eind maakte aan deze terreur. Van de FARC is niet veel meer over gebleven.
De zoveelste verwording van een ideaal. Geloof wordt macht en macht corrumpeert. ‘ Don’t follow leaders’ zei Bob Dylan.
Eveline

Vogels

We zijn geen vogelaars, maar we kijken
naar de beesten met een bovengemiddelde interesse. Toen we nog in de
bergen waren viel de soortenrijkdom tegen. Al eerder gemeld met een
foto, de meest voorkomende soort die wij daar zagen is de halfwas gier, die
werkelijk met tientallen op bijna elk moment van de dag te zien is.
Ze cirkelen in de lucht, en met hun wat naar voren gehoekte vleugels
met de vingers open gestrekt aan de uiteinden zien ze er erg imposant
uit. Op de grond blijken ze ongeveer de maat te hebben van een
aalscholver, alleen zijn ze forser gebouwd en ze hebben van die
afstotelijk lelijke koppen en nekken. Ze zitten bij dode beesten of
op hopen afval. Het lelijkste beeld dat we te zien kregen was in een
echt arme wijk van Bucaramanga, waar we doorheen reden. Daar lagen
hopen afval her en der langs de straat en tussen de huizen.
Daar zaten ze met groepen op. Tussen één van die groepen gieren zat
een man gehurkt te graaien in de troep, als was hij een van hun. Dat
is ook het ergste armoede beeld dat we gezien hebben.

Nu we in het vlakke land zijn en rijden
door een savannah met veel natte plekken (een beetje een
tegenstelling) zien en horen we veel meer soorten.

We zien af en toe goudgele vogels, ter
grootte van een spreeuw, maar slanker. Witte reigers zjn er in twee
soorten. Een soort is even groot als de bij ons veel voorkomende
blauwe reiger en staat redelijk vaak langs de weg op natte plekken en
in het gras. Een keer met tientallen bij elkaar in een poel. Dan is
er ook de kleine, half zo grote witte reiger, die zich meestal in de
heel dichte nabijheid van koeien ophoudt. Daar is sprake van een
symbiotische relatie, dunkt me. De blauwe reiger, of iets wat er op lijkt hebben we ook een paar keer gezien. (op de foto in de poel is er eentje te zien tussen de witten)

In Bucaramanga zaten een boel kleine
duifjes, een beetje als Turkse tortels, roodbruin van kleur. De
uitbater van een barretje waar we op het terras wat dronken, vond ze
kennelijk zo leuk dat hij ze voerde. Tientallen kwamen er op af. Ze
zagen er goed uit en er was nergens duivenpoep te zien. Veel leukere
beestjes dus dan de vaak haveloze verloren-postduif-soortgenoten die
onze steden zo nu en dan bevolken en voorzien van dikke lagen poep.

Een paar dagen geleden kwam er een
roofvogel bij ter grootte van een buizerd. De eerste keer dat we hem
zagen scheerde hij voor onze ogen over de weg. Het ging snel, ik
moest aan een koi-karper denken, wit-zwart getekend als hij was. Hij
vloog en had een snavel, een karper was het dus niet. Later zagen we
hem op aas zitten. Een wit lijf en zwarte vleugels, als hij opvliegt
laat zijn staart een waaier zien van wit-zwarte ringen. Zal wel
familie van de buizerd zijn, dachten we.

Gisteren zagen en hoorden we rode of
oranjerode kleine papegaaien of grote parkieten, merelachtigen,
boomkleverachtigen en nog wat spul. Hoe lager en natter de omgeving,
hoe meer er lijken te zijn. Mijn aanvankelijke mening dat het met de
soortenrijkdom slecht is gesteld moet ik nu bijstellen. En staande met de fiets, zonder boerka, heb ik nog een paar aardige plaatjes kunnen schieten. Wacht commentaar af van de meester 🙂 (als de internet-connectie goed is komen ze er op)

Frans

La Loma – Bosconia.

51 kms. Only a short distance today, as no accommodation is sure to be found further along the road. Hot and flat. Left RanchoFresca just after 06.00 hrs after a breakfast of fried eggs, white bread and coffee. Paid 72500 COP, app. 25 Euros, for the whole stay there, everything included Beers, dinners, more beers, breakfast, coffees, lodging. It was just getting light. More shaded road, beautiful landscape. Seen many birds and two dead ant eaters (at least, I think they were ant eaters), killed on the road. Reached Bosconia at app. 11.00 hrs, just a crossroads, but with a reasonable amount of shops and houses. Checked in at Hotel Jorlin, very luxurious (room as expensive as our whole former stay), but since we have to spend the rest of the day here we found it suitable. There are more accommodations available in this place.

The track:

Download 20100117_laloma_bosconia.gpx

Schermafbeelding 2010-11-09 om 15.43.17

 

Pailitas – La Loma

84 kms. Completely flat road. Got on our bikes at 05.45. Still dark. Had breakfast after 25 kms, standing along the road, eating a croissant that we had bought the day before and drinking some “tintos” (black coffees), that we bought from a lady that was selling the hot drinks from thermosses to passing drivers, who had to slow down because of a “resalto”, a speed breaker. These are laid in the road where the traffic enters a village or town. The local people use it to sell oranges, snacks and cups of coffee, among other things.

It was a very hot day, temps got as high as 41 ˚C. We were not completely sure about the fact where we could find accommodation. Road workers, whom we spoke early in the morning had assured us that at La Loma there would be a hotel at a gas station. Later other people denied that. The last 20 kms or so there was no shade and the temperature got at its highest level. We rode through a deserted landscape, where there appeared to be two mines, big complexes with enormous mounds of earth, we are not aware of what material they take out of the ground there. Imagine that, after this long ride and in this heat, we were very releaved to see the sign: Restaurante RanchoFresco hospedaje. La Loma is only a cross roads, with a gasstation and two hospedajes. One is grimy, RanchoFresco is nice. We had a basic, clean room with an old aircon. There were drinks and food under an open thatched roof not too close to the road and the roaring trucks, so a perfect place to stop and rest.

The track: Download 20100116_pail_laloma.gpx

Schermafbeelding 2010-11-09 om 15.36.24

 

 

San Alberto – Aguachicau – Pailitas

68 kms. Flat!!! Well, still some 300 meters of climbing, but that’s not something to be counted. Beautiful environment, grassland mainly, dotted with trees. The road is rather busy with trucks, gets annoying after a time. Now the greatest problem becomes the heat. We touched 40 ˚C today, and this is a bit too much. We make plans to start very early in the morning, and hide somewhere in the afternoon. Now we are staying in Hotel Morrocoy, actually too expensive, but a very nice room with aircon, a piscina (swimming pool) and a good working wi-fi.

(Later I realised I forgot to blog the stage from Aguachica to Pailitas.

The track: Download 20100114_sanalb_aguachica.gpx

Download 2010-01-15 Aguach Pailitas

San Alberto – Aguachica:

Schermafbeelding 2010-11-09 om 15.21.37

The profile:

Schermafbeelding 2010-11-09 om 15.22.08

Aguachica – Pailitas:

Schermafbeelding 2010-11-09 om 15.25.53

The profile:

Schermafbeelding 2010-11-09 om 15.26.19

 

Bucaramanga (999) – San Alberto (127)

101 kms. Now we really left the mountains, but still they made us climb 1150 (!) meters this day. Our Colombian day-record until now. Funny how these mountains trick you, you are going down all the time and while doing this you have to climb so many meters.
Beautiful stretch. Left at 07.00 hrs, had breakfast 10 kms out of town, pan caliente, warm bread and some sweet coffee. Leaving the city we passed through some very poor areas. Wooden huts with corrugated iron roofs stacked over each other against the mountain side. There were piles of rubbish along the road, where scores of these small vultures were feeding. One scene was striking: amidst these vultures a man was squatting on the rubbish and like the birds he was scavaging for food. Glad to be past this scene.
It was a long hot day, temps in the high thirties. We made many stops and had a lot of jugo natural, freshly pressed fruit juice, from all kinds of fruits that they have plenty of. You have them natural, with crushed ice and water or with milk. All variations are a treat. At about 17.00 we met with Ian, a Brit living in Canada, who had started in Vancouver, had done 12.000 kms in 7 months so far and was heading south to Argentina. I was a bit concerned about his bike. He had cantilever brakes, and from my own experience I know that they don’t do very well in steep downhills. On top of that he had disengaged the rear one, because his rear wheel wasn’t straight any more. And the mountains we had been in for 10 days were right in front of him. But he looked a guy who can solve any problem, so he will be alright I’m sure. His current challenge – so he told us – was not to pay for accommodation between the coast and Bogotà. So far he had been succesful, just knocked on people’s doors and asked for a place to sleep. It appeared to work in this kind country.
Reaching San Alberto we were addressed by a young boy, if we were looking for a hotel. After a check with a nicely dressed gentlemen I was told: “Vaya con el” so we followed the little chap and he took us to a clean and quiet place with aircon rooms for 36000 pesos. Not bad, he only wanted some coins for a “gaseoso”. Done with pleasure. In the evening we had a hamburger again. Are we being Americanised here? ….. forbid.

Te track: Download 20100113_buca_sanalberto.gpx

Schermafbeelding 2010-11-09 om 15.14.52

Schermafbeelding 2010-11-09 om 15.15.15

Pescadero (611) – Bucaramanga (999)

43 kms. Total ascent 800 mtrs. We had spent the night in the hotel at the gasstation in the narrow gorge just after Pescadero. From the start it went up to 1283 alt. after 16 kms. After that it was a mostly continuous descent to the big town. When we asked the way to the Kasa Guana, a backpackers hostel, we happened to run into some cyclists, who were now drinking beer. We were peresented a cold drink, very welcome in the heat, and it took us almost an hour to get on our machines again. Bucaramanga is a city composed of 3 or 4 suburbs and a wide centre part. It gives us an American expression, many big roads and quiet housing areas in between. Kasa Guana was fully booked, we found a hotel (Palonegro) in the neighbourhood, a pleasent area to be. A bit worn out, but not expensive and a nice garden. Very friendly and helpful receptionist. In the evening I had a big hamburger. I was prepared, I took the junior one, still an enormous heap of meat between the bread. A hamburger is not a thing I would usually eat, but this was the second best meal I had since we are in this country. It was really tasteful, and there was salad and tomato. The national cuisine is not my number one, I must say.This hamburger was better than any other hamburger I’ve ever seen in the world.

The track:Download 20100111_pesc_bucaramanga.gpx

Schermafbeelding 2010-11-09 om 14.58.17

 

Schermafbeelding 2010-11-09 om 14.58.48

Even rust in Bucaramanga

Na weer twee zware bergetappes moeten we even rusten. Zondag werden we, na 25 km lang klimmen, beloond met een werkelijk fantastisch uitzicht op de Canyon van de Chicamocha rivier. De bergen erom heen hebben een paars-rode kleur, dooraderd met grijsgroen. Eigenlijk heb ik dit eerder alleen nog maar gezien in China, in het noorden van Yunnan en in Noord-India, in Ladakh. Van het gebied is een nationaal park gemaakt en wij hadden gedacht daar te overnachten. Bij nadering van de toegang tot het park bleek dat echter meer een pretpark, met een grote teleferique, waarin mensen naar de oever van de rivier konden afdalen. Wij hebben onze weg toen maar vervolgd en de afdaling per fiets gedaan

Onderweg ontmoetten we de eerste buitenlandse fietstoerist, een Canadese vrouw, die op haar eentje al 6 weken rondtrekt. Ze was heel positief over haar ervaringen met de Colombianen, maar het wordt voor ons nog heter waarschuwde ze, want straks zitten we laag, dus vroeg opstaan..

We hebben geslapen in een prima hotel, bewaakt door een zwaar bewapend veiligheidsman, bij een benzinestation. Het hotel ligt aan de oever van de Chicamocha, in de canyon waar we eerder bovenop keken. We konden het niet opbrengen weer uit de canyon te klimmen. Gisteren bleek dat maar goed ook, want dat was weer een pittige tocht. Om half 11 ’s morgens hadden we er al 600 m stijging opzitten. Maar weer een heel mooie weg. Veel bomen, bloemen, restaurantjes en mooie huizen.

Bucaramanga, waar we nu zijn, is een grote, onpersoonlijke stad. Veel hoogbouw en industrie. Niet een echt stadscentrum. Ons hotel staat in een betere wijk. Het is simpel, maar schoon en er zijn veel eettentjes met terrasjes. Bij nader inzien blijken dat heel veel ‘Hamburguesas’ te zijn.  Daar blijkt ook niets mis mee. De hamburgers en sandwiches zijn er in allerlei variaties en worden opgediend alsof het haute cuisine is. Goedkoop zijn ze dan ook niet.  Na de stukken vlees a la plancha een welkome afwisseling. Zou de hamburger status hebben in Zuid Amerika vroegen we ons af. Het terras zag er leuk uit, de bediening spreekt een beetje Engels en de klanten zou je als yup kunnen omschrijven…

Na ons diner koffie in de tuin van ons hotel. Ik wilde nog wat lezen in het dagboek van Frida Vogels, maar we werden uitgenodigd door de enige andere gast in de tuin. Een Colombiaan die zat te luisteren naar Colombiaanse muziek en erop stond ons deelgenoot te maken. Hij was aan de rum met ijs en we moesten hem werkelijk afremmen om ons niet te blijven bijschenken. Intussen wel weer veel gehoord over het land. Urribe, de huidige president, wordt erg gewaardeerd vanwege zijn resultaten met zijn veiligheidsbeleid. Hij blijft daar echter eenzijdig de nadruk op leggen en besteedt veel te weinig aandacht aan arbeid, scholing en gezondheidszorg.

Dat zijn zaken die je niet waarneemt op straat, dus interessante avond.

Vanochtend hebben we rondgewandeld in Bucaramanga. We hebben De Cathedral de la Sagrada Familia bezocht en het huis van Simon Bolivar, de bevrijder van Groot Colombia van Spanje, bezocht. We wilden ook naar het Museum voor Moderne Kunst en naar het Casa de Cultura, maar er was het afgelopen weekend, tot en met gisteren, festival. Dus vandaag is het de dag na het festival, dus zijn de musea dicht. Zo proberen we de logica van de Colombiaan te volgen.

Dadelijk alsnog naar onze tuin om te lezen..

 

SanGil (1126) – Pescadero (611)

55,7 kms.  Total ascent 951 mtrs. Again a real mountain stage on a day that we mainly went downhill. Left at 07.00 hrs, since days are hot here, temperatures reached 38 ˚C. The ascent started immediately after leaving SanGil and lasted until we reached the highest point at 1970 alt. at 24 kms. After that downhill, apart for a small stretch after Aratoca. Especially from there the descent was in a fantastic dry mountain and canyon environment. Passed the National Park of Chicamocha. It looked like a very colourful American fair, with a crowd of people standing in line for a funicular (cable car) down into the valley, where the actual national park is, and where there are tracks to be walked etc. We had hoped to stay in the park, but this appeared impossible and we didn’t regret it much. A minute later on the road we met a brave young Canadian woman, Clara, who was cycling up the mountain and hoped to reach Aratoca today. She was riding alone and came from the valley below at 600 mtrs and Aratoca is at app. 1700, she still had a lot to pedal away. As usual among cyclists we exhanged some information and continued our ways. She is the first foreign cyclist we meet during this trip. Yesterday and the day before we met some Bogotan cyclistos, who were making a tour that is partly the same as ours. They carry much less luggage then we, or most western cyclists, do. Pescadero is a village right at the bottom of this valley, where the road crosses the river Chicamocha. As Bucaramanga is still 40 or so kms from Pescadero and the weather is hot and we had done our climbing for the day, we tried to find accommodation here. In the village there is nothing, but we have now checked in in a hotel at a gas station just a km after the village. A neat and clean room, restaurant (don’t think too much of it) on the premises. Not a beautiful environment, with big lorries parked in front and a building site next door, but the restaurant is a covered terrace over the litlle river. It is all situated in a narrow valley where there is a rather strong wind, which is not bad as it cools you down a little. And you don’t have to bring your empty beer glass back to the counter, since they are made from plastic and the wind also takes care of that. In this country it is not uncommon to find rather good accommodations at gas stations, no nonsens deals. What struck us that we were taken to the reception and to our room by a man who apparently is the security guard of the station. He is not wearing a uniform, but a real king size riot gun, and this makes his status clear enough. Again this is a first for us, never seen an armed civilan until now.

The track: Download 20100110_sangil_pescadero.gpx

Schermafbeelding 2010-11-09 om 14.52.35

Schermafbeelding 2010-11-09 om 14.53.47